De impact van (peri)menopauze op de huid en de rol van huidtherapeuten
- Seng G
- 2 dec 2025
- 8 minuten om te lezen
(Peri)menopauze: meer dan alleen een opvlieger, de huidtherapeut als schakel in hormonale transities
Inleiding
De (peri)menopauze is geen plots moment, maar een langzame, vaak verwarrende overgangsfase die zowel lichamelijk als zichtbaar zijn sporen achterlaat. Toch blijft deze levensfase binnen de huidtherapie onderbelicht. Klachten als droogte, pigmentverschuivingen, haarverlies of plotselinge acne worden vaak als losse huidproblemen behandeld. Maar onder de oppervlakte speelt er iets groters: een hormonale verandering die vrijwel elk systeem beïnvloedt, dus óók de huid [1]. Als huidtherapeut kun je juist in deze fase veel betekenen door de huidproblemen te zien als onderdeel van een groter plaatje. Immers, door de stijgende levensverwachting en verbeterende gezondheidszorg leven vrouwen gemiddeld nog 30 tot 35 jaar na de menopauze [2]. Daarmee vormt deze groep een groeiend onderdeel van onze klantenkring.
In dit artikel wordt verkend welke rol de huidtherapeut kan spelen in het signaleren, begeleiden en behandelen van vrouwen in de (peri)menopauze. Niet als hormoonspelcialist, maar als deskundige op het snijvlak van huidgezondheid, leefstijl en vrouwenwelzijn.
De [peri]menopauze: een onderschatte levensfase
Veel vrouwen beseffen niet dat ze al in de perimenopauze zijn beland. De menopauze zelf markeert slechts het moment waarop een vrouw twaalf maanden geen menstruatie meer heeft gehad. De dag erna begint de post-menopauze. De periode daarvoor, de perimenopauze, wordt gekenmerkt door schommelingen in oestrogeen en progesteron, die zich uiten in lichamelijke én psychische klachten.” De klachten beginnen sluipend gemiddeld tussen het 35e en 45e levensjaar [3]. Deze hormonale schommelingen kunnen jarenlang klachten veroorzaken, zonder dat daar een duidelijke verklaring voor wordt gevonden. Tegelijkertijd geldt dat er interindividuele variatie bestaat: ongeveer 20 tot 25% van de vrouwen ervaart weinig tot geen overgangsgerelateerde klachten, ook niet op het gebied van huidveranderingen.
Wat wij als huidtherapeuten zien, zijn cliënten die niet meer uitkomen met hun vertrouwde huidverzorging. De huid voelt trekkerig, schilfert of wordt gevoeliger. Pigmentverschuivingen, acne tarda of haaruitval nemen toe. Vaak wordt gezocht naar een “betere creme”, terwijl de oorzaak hormonaal kan zijn [4].

Huid, haar en nagels als hormonale spiegel
Hoewel huidveroudering een natuurlijk proces is, zijn de veranderingen die optreden tijdens de (peri)menopauze niet alleen het gevolg van leeftijd. Veroudering leidt geleidelijk tot een afname van collageen, elasticiteit en huiddikte, maar hormonale veranderingen versnellen dit proces aanzienlijk [5]. Het collageenverlies is namelijk in de eerste vijf jaar na de menopauze ongeveer 30%, wat veel hoger ligt dan bij normale chronologische veroudering. Daarnaast treedt er een versnelde daling op van talgproductie, hyaluronzuur en vascularisatie, wat zich uit in droogte, jeuk en een doffere huid [5].
De huid is dan ook vaak een van de eerste plaatsen waar hormonale veranderingen zichtbaar worden. De (peri)menopauze heeft invloed op vrijwel alle huidstructuren omdat oestrogeenreceptoren voorkomen in zowel de epidermis als de dermis, maar ook in fibroblasten, haarfollikels en bloedvaten, zijn de effecten breed en systemisch voelbaar [6].
Een duidelijke klacht is een toegenomen droogte van de huid. Door een afname in talgproductie [7], verminderde activiteit van hyaluronzuur en een verstoorde huidbarrière neemt het vochtvasthoudend vermogen van de huid af. De huid kan gaan schilferen en is vaak gevoeliger voor cosmetica en/of temperatuurwisselingen. Ook collageen en elastine, belangrijk voor stevigheid en elasticiteit, worden minder aangemaakt onder invloed van oestrogeendaling. Door versnelde afname van collagaan zorgt ineens voor meer verslapping, zichtbare rimpelvorming en een minder gladde huidstructuur [5]. Pigmentverschuivingen, zoals melasma of Post Inflammatoire Hyoerpigmentatie (PIH), komen vaker voor of verergeren in deze fase. De hormonale schommelingen beïnvloeden ook de melanocytenactiviteit, waardoor er sneller hyperpigmentatie kan ontstaan [5]. Tegelijkertijd rapporteert een deel van de vrouwen plotselinge acne, met name op de kin en kaaklijn. Dit wordt mede veroorzaakt door een relatieve toename in androgenen wanneer het oestrogeengehalte daalt [9].
Niet alleen de huid, maar ook haar en nagels reageren op hormonale veranderingen. Oestrogeen verlengt de groeifase van het haar (anagene fase); bij afname verkort deze. Dit leidt tot diffuse haaruitval, vooral op de kruin [10]. Nagels groeien trager, worden brozer en kunnen sneller splijten [10]. Deze subtiele signalen kunnen belangrijk zijn in de context van hormonale veranderingen.
Voor de huidtherapeut ligt hier een belangrijke observatierol. Door deze op het eerste gezicht losse huid- en haarklachten te plaatsen binnen een breder hormonaal kader, kunnen behandelingen beter afgestemd worden op de fase waarin de cliënt zich bevindt en kunnen ook bredere gezondheidsvragen op een laagdrempelige manier besproken worden.
Wat gebeurt er nou precies in het lichaam?
Tijdens de (peri)menopauze daalt de productie van oestrogeen en progesteron. Deze hormonen zijn niet alleen van belang voor de vruchtbaarheid, maar vervullen ontzettend veel functies in het hele lichaam. Vrijwel alle lichaamscellen bevatten oestrogeenreceptoren [ERs]: in de huid, bloedvaten, hersenen, botten, slijmvliezen, het maagdarmkanaal en het immuunsysteem [6,11]. Daarnaast gaan deze hormonale daling gepaard met een verstoorde slaapregulatie, cognitieve veranderingen, hartkloppingen en gewichtstoename [5]. Vrouwen ervaren vaak meerdere van deze klachten tegelijk, wat leidt tot psychosociale belasting en het gevoel niet begrepen te worden. De huid wordt hierin vaak het zichtbare beginpunt van een breder systeemprobleem [5].
Dit verklaart ook waarom vrouwen in de overgang klachten kunnen ervaren die zo uiteenlopen: van droge huid tot hartritmestoornissen [6]. Er zijn aanwijzingen dat er in de perimenopauze sprake kan zijn van een laaggradige systemische ontstekingsfase in de perimenopauze. Deze hypothese wordt ondersteund door studies die wijzen op verhoogde ontstekingsmarkers tijdens de overgang, maar verdere onderbouwing is nog in ontwikkeling [9]. Dit verklaart onder andere de tragere wondgenezing en toegenomen gevoeligheid van de huid in deze levensfase [12].
Hoe menopauzale huidzorg internationaal in opkomst is
In landen als het Verenigd Koninkrijk, de VS en Australië is er toenemende aandacht voor de menopauzale huid. In de Verenigde Staten werken dermatologen met speciale protocollen voor hormonale huidveranderingen, waarin ingrediënten als niacinamide en retinoïden worden gecombineerd met therapieën als LED of tranexaminezuur [13]. Australische dermatologen worden specifiek opgeleid voor de begeleiding van menopauzale huidklachten [14]. Ook zijn er gespecialiseerde “menopause clinics” waar paramedici samenwerken met artsen, gynaecologen en diëtisten.
Nederland loopt hierin nog achter. Maar deze voorbeelden tonen dat er wél degelijk ruimte is voor een gespecialiseerde benadering van de menopauzale huid, mits we die plek bewust claimen. Hier zou ook een mooie rol voor de Nederlandse Vereniging van Huidtherapeuten [NVH] kunnen liggen bij het ontwikkelen van een protocol voor deze doelgroep.
Wat kunnen wij als huidtherapeuten betekenen?
Als huidtherapeuten beschikken we over de kennis én praktische vaardigheden om vrouwen tijdens deze overgangsfase adequaat te begeleiden. Onze rol omvat:
Vroegtijdig signaleren van hormonale huidveranderingen [1]
Inzetten van veilige behandelingen zoals LED en microneedling Microneedling en chemische peelings moeten bij deze doelgroep met zorg worden ingezet, omdat een dalend oestrogeenniveau de huid gevoeliger maakt en het herstel trager kan verlopen [5].
Adviseren over geschikte huidverzorging [7], leefstijl, zonbescherming, voeding en hydratatie [10] Bij voedingsadvies kan specifiek aandacht worden besteed aan fyto-oestrogenen, zoals lignanen in lijnzaad en isoflavonen in sojaproducten, die mogelijk een mild hormonaal effect hebben op de huid. Deze kunnen worden besproken als onderdeel van een bredere leefstijlaanpak.
Verwijzen naar arts of overgangsconsulent bij bredere hormonale klachten [15]
Het bespreekbaar maken van deze levensfase binnen intake en consult en oog hebben voor de psychosociale aspecten als gevolg van hormonale veranderingen
Een vaste Intake-instrument: de huid als ingang tot hormonale signalering
Onderstaande checklist kan als hulpmiddel gebruikt worden tijdens de intake:
A. Zichtbare huidgerelateerde klachten
☐ Pigmentverschuivingen [melasma, PIH] [8]
☐ Acne vanaf ± 40 jaar [9]
☐ Huidverslapping of volumeverlies [10]
☐ Droge, gevoelige of schilferige huid [7]
☐ Doffe teint, verlies van glow [10]
☐ Langzame wondgenezing [12]
☐ Dunner wordende huid [10]
☐ Meer zichtbare lijntjes en rimpels [10]
☐ Broze of langzaam groeiende nagels [10]
☐ Haarverlies of dunner haar bij kruin en slapen [10]
B. Klachten die bij doorvragen naar voren komen
☐ Slechter slapen of nachtzweten [3]
☐ Moeite met concentreren [brain fog] [3]
☐ Vermoeidheid zonder duidelijke reden [3]
☐ Wisselend humeur, somberheid, angst [2,16]
☐ Gewichtstoename zonder veel verandering in leefstijl [3]
☐ Vaginale droogte, minder zin in seks [3]
☐ Onregelmatige menstruatie of stilvallen [3]
☐ Spier- of gewrichtspijn [3]
☐ Tintelingen in armen of benen [3]
☐ Hartkloppingen of onregelmatige hartslag [3]
☐ Blaasproblemen: overactieve blaas, incontinentie, terugkerende
☐ Urineweginfecties [17, 18]
Let op: De klachten in de checklist kunnen verschillende oorzaken hebben en zijn niet altijd direct gerelateerd aan de (peri)menopauze. Symptomen als hartkloppingen, tintelingen of spierpijn vallen buiten het huidtherapeutisch werkveld. De huidtherapeut mag hierin geen diagnose stellen. Bij dergelijke klachten is overleg met een huisarts of medisch specialist altijd zinvol .
Groeiende doelgroep vraagt om integratie in onze praktijk
Door de stijgende levensverwachting en verbeterde gezondheidszorg leven vrouwen tegenwoordig veel langer na de menopauze dan vroeger. In Nederland ligt de gemiddelde levensverwachting voor vrouwen inmiddels rond de 83 jaar [2]. Deze demografische verschuiving heeft directe gevolgen voor de huidtherapeutische praktijk. Naarmate vrouwen ouder worden en tegelijkertijd langer maatschappelijk, sociaal én professioneel actief blijven, groeit ook de behoefte aan begeleiding bij zichtbare en voelbare veranderingen in de huid. Klachten zoals huidverslapping, pigmentverschuivingen, droogte en vertraagde wondgenezing zullen vaker voorkomen in de behandelkamer. Bovendien tonen internationale trends aan dat de menopauzale doelgroep steeds vaker actief hulp zoekt. Zij willen niet alleen gehoord worden, maar verwachten ook inhoudelijke kennis, begrip en praktische begeleiding op een manier die medisch onderbouwd én respectvol is [14].
Voor huidklinieken betekent dit een kans én verantwoordelijkheid. Door menopauze gerelateerde huidveranderingen te integreren in de intake, voorlichting en behandelstrategie, kunnen wij als huidtherapeuten inspelen op een toenemende zorgvraag. Het vraagt om herkenning, verdieping én durven positioneren: als paramedisch professional met oog voor hormonale transities. Deze symptomen kunnen uiteenlopende oorzaken hebben. De huidtherapeut mag hierin geen medische diagnose stellen. Bij dergelijke klachten is overleg met huisarts of medisch specialist altijd zinvol.
Conclusie
De huidtherapeut staat letterlijk dicht op de huid van de vrouw. Die positie geeft een unieke kans om meer te doen dan alleen behandelen: signaleren, verbinden en voorlichten. Door aandacht te hebben voor hormonale veranderingen, zonder de medische grens over te gaan, kunnen we vrouwen sterker maken in hun zorgpad. Daarbij is het belangrijk te benadrukken dat de (peri)menopauze geen ziektebeeld is. Niet elke vrouw heeft begeleiding nodig, maar voor velen kan de huidtherapeut een waardevolle ondersteunende rol spelen.
De (peri)menopauze hoort niet onzichtbaar te blijven in onze praktijk. Het is tijd om onze rol als huidtherapeut breder te durven definieren.
Minkin MJ. Hormones, menopause, and skin aging. Clin Interv Aging. 2019;14:1355–64.
Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Levensverwachting; 2024. Beschikbaar via: https://www.cbs.nl. Geraadpleegd 28 april 2025
Soares CN. Perimenopausal syndrome and mood disorders. J Obstet Gynaecol Res. 2022;48(6):1291–1301.
Lumsden MA, Davies M, Sarri G, Guideline Development Group. Management of the menopause. BMJ. 2022;376:o112.
Zouboulis CC, Makrantonaki E, Nikolakis G. Skin, hair and beyond: The impact of menopause. Dermato-Endocrinology. 2022;14(1):e2042875. doi:10.1080/19381980.2022.2042875
Simpson ER. Sources of estrogen and their importance. J Steroid Biochem Mol Biol. 2003;86(3–5):225–230.
Pérez-López FR, Chedraui P, Blanco D, et al. Skin, hair and nail changes in menopause. Dermatol Ther. 2010;23(2):129–138.
Elbuluk N, et al. Postinflammatory hyperpigmentation: Etiologic and therapeutic considerations. J Clin Aesthet Dermatol. 2021;14(2):36–42.
El Khoudary SR, Greendale G, Crawford SL, et al. The menopause transition and inflammatory biomarkers: a longitudinal analysis from the Study of Women’s Health Across the Nation. J Womens Health. 2021;30(4):526–532.
Shifren JL, Gass ML. The North American Menopause Society recommendations for clinical care of midlife women. Menopause. 2014;21(10):1038–1062.
Nilsson S, Gustafsson JÅ. Estrogen receptors: therapies targeted to receptor subtypes. Clin Pharmacol Ther. 2011;89(1):44–55.
Verdier-Sevrain S, Bonté F, Gilchrest B. Biology of estrogens in skin: implications for skin aging. Exp Dermatol. 2006;15(2):83–94.
American Academy of Dermatology. Hormonal changes and skin aging. AAD Resource Center. 2022. Beschikbaar via: https://www.aad.org. Geraadpleegd 1 april 2025.
Australasian College of Dermatologists. Skin health and menopause. 2021. Beschikbaar via: https://www.dermcoll.edu.au. Geraadpleegd 27 februari 2025
North American Menopause Society. The 2021 hormone therapy position statement of The North American Menopause Society. Menopause. 2021;28(7):767–794.
Cohen LS, Soares CN, Vitonis AF, et al. Risk for new onset of depression during the menopausal transition: the Harvard study of moods and cycles. Arch Gen Psychiatry. 2006;63(4):385–390.
Suchithra S, Kumar R, Devi SM. Risk factors of urogenital problems among perimenopausal women. International Journal of Science and Healthcare Research. 2022;7(2):80–84. https://doi.org/10.52403/ijshr.20220412
Christmas MM, Iyer S, Daisy C, Maristany S, Letko J, Hickey M. Menopause hormone therapy and urinary symptoms: a systematic review. Menopause. 2023;30(6):672–685. doi:10.1097/GME.0000000000002187



Opmerkingen